Kreuer-Pigeons

Jan Ernest

"

www.pipa.be

vermeld:


Wie is er niet groot geworden met duiven van Jan Ernest.

Al sinds jaar en dag wordt er gesproken en geschreven over het Steenbergse Fondras. Hier ligt de bakermat van de moderne fondduif. Zo rond de tweede helft van de vorige eeuw kampten in Steenbergen A. v.d.Wegen, A. Lightenberg, J.de Weert en Jan Ernest met elkaar.

Daar waar de concurrentie groot is ligt de lat hoog.  Het is er onderdoor gaan of er met kop en schouder boven uitsteken om steeds weer met de besten mee te kunnen gaan. De duiven van Jan Ernest waren destijds al bovengemiddeld. De laatste decennia is dat nog steeds zo. Daarnaast blijkt dat zijn duiven een meer dan bijzondere nakweek hebben.


Wie is er niet groot geworden met duiven van Jan Ernest?
- Barcelona 2009. Gewonnen door Martin en Wim van Houten uit IJsselsteijn met hun 4 jarige nestduivin Nellie. Deze duivin heeft in haar afstamming Jan Ernest.
- Barcelona 2008. Op een afstand van 1354 km wint de “308” van Auke Smid de vijfde plaats nationaal met een doffer, wederom in de afstamming Jan Ernest.
- Barcelona 2006 de vierde plaats nationaal door Walter van der Meulen die in 2006 ook een eerste en tweede provinciaal Montauban won, daarvoor ook een 11de nationaal ZLU, een eerste nationaal Dax, eerste nationaal Bordeaux 2005, etc. zijn hok is opgebouwd met het soort van Jan Ernest.
- St Vincent 2006. 30ste nationaal door Harry Lukassen met de “619”. De “619” vloog in 2006 ook de 24ste nationaal Mont de Marsan, naast 80ste Bergerac tegen 2534 duiven en 195 tegen 1955 d. De “619” is een kruising  met 50% Jan Ernest.
- Barcelona 2006 internationaal plaats 10 bij Werner en Bernd Kreuer met hun Golden Barcelona Jan. Zij hebben hun hok opgebouwd met duiven van Jan Ernest    
- De Smeyter-Restiaen met een eerste internationaal Perpignan jaarlingen in 2003 met de ‘Joost’ en in 2006 eerste nationaal Bordeaux.  Hier stroomt Jan Ernest bloed.
- 1st intern. Bordeaux jaarlingen Euroregio 2007  bij Herman van Helmond, deze duif heeft 25% Jan Ernest bloed.
- Barcelona 2001 tot en met 2009 volop prijzen met o.a. derde Barcelonaduif ZLU, door Cees van Oers behaald met duiven waarin Jan Ernest bloed stroomt.
- St.Vincent 2001 op 1200km wordt gewonnen door Jacob Keun met de “841”. Ook wint Jacob een 2de nationaal en een derde nationaal St Vincent en een 2de Nationaal Bergerac.
Zijn hok is opgebouwd met duiven van Jan Ernest.
- eerste nationaal Dax en een derde nationaal St.Vincent 1999 zijn behaald door de “94” bij C.A.van Heijst met een 50% Jan Ernest.

Wanneer we aan Jan vragen welk ras hij op de hokken heeft zitten  dan geeft hij als antwoord “het oude Steenbergse soort”.  Het oude Steenbergse soort is in de loop der jaren uitgewaaierd over de hele wereld. Het kent inmiddels een verscheidenheid aan kruisingen met andere lijnen en soorten. Hokken  met een concentratie van het echte Steenbergse soort zijn langzaamaan  verdampt en verdwenen. Deze bronnen zijn zeldzaam geworden.  
Jan heeft destijds o.a.duiven uit de wereldberoemde ‘131’gehaald bij Jan de Weert. Ook kreeg Jan een koppel eitjes van Adrianus van der Wegen uit Het Oud Doffertje x de oude donkere duivin. Via Rooms kwam er een kleindochter van Het Zilvervosje van bakker Meester uit De Heen. Er kwamen duiven van Cees de Groot en Jan van der Par.  Begin jaren zeventig werd er samengekweekt met broer Theo Ernest. Deze duiven vormden de basis voor de huidige Jan Ernest duif
Door de jaren heen heeft hij wel eens een duif ‘ingepast’  Het gaat dan om een beperkt aantal duiven die aan de stam zijn toegevoegd. Jan ruilde dan een duif, plaatste deze in zijn stam en borduurde verder op de oude lijnen. Op deze manier leeft het oude Steenbergse soort voort in de duiven van Jan.  Veel  liefhebbers hebben inmiddels begrepen dat je het water bij de bron moet halen :
Philip Geerdink; Dick Leeuwekerke met de Iwan die twee nationale zeges behaalde in ’98 en’99 ; van den Heuvel, eerste nationaal Bergerac tegen ruim 20000 duiven ; Hans Wolfsen met o.a. een rechtstreekse Ernest, Helga;  Marno Lensvelt ; Gebroeders de Zwart een achtste en negende Bordeaux ZLU, Hans Peter Verkooijen; Lothar Lessmeier; P.Schellekens ; W. de Leeuw; Gijs Lobee ;      Nouwen-Paesen en via de ‘Joost’ (50% Jan Ernest ) ook bij Eric Limbourg. Ze zijn allemaal geslaagd met rechtstreekse van de bron of indirecte duiven van Jan Ernest. Waarschijnlijk kunnen ze allemaal bevestigen dat de duiven van Jan zich goed laten kruisen.

Is er een verklaring waarom de duiven van Jan Ernest zich zo goed laten kruisen.    Vooraleerst is het misschien goed te beschrijven wat, als je dit zou mogen generaliseren, de duiven van Jan Ernest typeert. De duiven hebben een rijke, zachte pluim en zijn iets minder groot dan de meeste andere duiven. Zoals we allemaal weten kunnen we niet in een duif kijken, maar toch… “Jan heeft duiven die nooit opgeven. Op loodzware vluchten zullen de duiven van Jan zich zeker tonen.” Dit is een wapenfeit waaruit blijkt dat Jan duiven met karakter heeft. De volgende uitslag illustreert het wapenfeit:  Nationaal Tarbes 2008, de wind waait uit het Noorden. Jan korft 12 duiven. Hij draait tien duiven en zijn laatste duif heeft prijs 1331 nationaal tegen 10606 duiven.
Het ‘hok Jan Ernest’ heeft  zich ondanks de ‘moordende concurrentie’ meer dan goed staande  kunnen houden in Steenbergen en omstreken. Door de jaren heen heeft Jan nauwe familiekweek niet geschuwd. Welke duif je ook neemt in de stamboom vind je altijd weer broers, dochters, neven, etc. De basisduiven komen steeds in de pedigree terug. De duiven zijn gehuisvest op 15 meter hok  met een beperkt aantal duiven.


Jan heeft een doorgefokt ras door de basisduiven sterk in te telen. De basisduiven hebben op de vluchten eerst moeten bewijzen dat ze uit het goede hout gesneden zijn. Jan kweekt zelf het liefst uit duiven die zich op de vluchten bewezen hebben én waarvan de broers of zusters ook goed presteren.
Jan heeft veel prijzen behaald, as-duiven, kampioenschappen op de overnacht,maar nooit een eerste nationaal op een vlucht. Dit terwijl anderen vele kopprijzen vliegen met duiven waardoor ‘bloed’ van het ras Jan Ernest stroomt. Dit is misschien te verklaren door de hechtheid van zijn stam. Zelden komen er nieuwe duiven bij die geen bloedverwantschap hebben met zijn ras. Aanwinsten zijn er wel door bijvoorbeeld een samenkweek met C.van Heijst waarbij de ‘bloedlijn Jan Ernest’ weer terug stroomt naar de bron.  

Bij Jan op het hok zijn er geen geheimen. Het zit hem niet in het voer, noch in het toedienen van medicijnen. Toch hoort Jan al meer dan vijftig jaar bij de grote kampioenen. We zien kampioenen komen en we zien ze weer gaan. Het is maar zelden dat een liefhebber zich langer dan een decennium staande kan houden, laat staan een halve eeuw. De verklaring hiervoor  vragen we aan Jan.
“Je moet vertrouwen hebben in je eigen duiven. Je moet er in blijven geloven en geduld hebben ook als het een keer tegen zit.”  Ook bij Jan heeft het af en toe goed tegen gezeten. Zo heeft hij naast twee maal veldvergiftiging ook een duivendiefstal meegemaakt. Alle oude duiven waren gestolen, alleen de jongen hadden ze laten zitten. Jan heeft zijn hok weer op de rails gezet met deze jongen, het eigen soort.
Jan speelt zijn duiven op traditioneel weduwschap. Vooraf aan de vlucht worden de duivinnen niet getoond. De doffers krijgen dan wel hun schaal. Bij thuiskomst krijgen de doffers hun duivin te zien.
Hij houdt zijn duiven zo eenvoudig mogelijk. Alle dagen krijgen de duiven een standaard vierseizoenen mengeling. Gedurende het hele jaar door krijgen de duiven gerst aan de mengeling toegevoegd. In de winter wordt er meer dan 50% gerst gevoerd, dan komen de duiven niet meer buiten. Het is belangrijk dat de duiven niet te vet worden. Wanneer een weduwman naar de grote vlucht moet, krijgt hij een paar dagen voor het inmanden een potje in de bak waarin afzonderlijk gevoerd wordt.

In de tuin staat het duivenhok niet op zich. Er staat ook een kasje waarin vroeger de planten voor de tuin gekweekt werden. Nu kweken ze er goudvinken. Beiden houden ze van de natuur. Jan in het bijzonder van vogels. Deze interesse komt goed van pas bij het observeren en verzorgen van de duiven. Jan en Lena Ernest kijken uit naar de zomer. “Dan kunnen we gezellig op het plaatsje achter het huis wachten tot de duiven binnenkomen.”  Lena staat volledig achter de hobby. “Als je er niet allebei achterstaat, komt er niets van.”

Jan is een liefhebber die zijn eigen weg gaat en zich door niets of niemand van de wijs laat brengen.
Een groot compliment voor Jan Ernest is de uitspraak van Ad van Heijst uit Wijchen die aangeeft dat Jan zijn voorbeeld in de duivensport is.: “Jan is een gewone liefhebber gebleven die wekelijks plezier beleeft aan de duivenhobby.” 
Presataties van Jan Ernest:
Barcelona 2006 drie op drie; 2003 de 4de nationaal Perpignan; 1995 overnachtkampioen zuid onaangewezen + pakt als enige de tien getekende duiven op St Vincent, Barcelona, Dax, Marseille en Perpignan;1994 overnachtkampioen zuid onaangewezen;1993 overnachtkampioen zuid onaangewezen, 11 nat Barcelona, 6de nat. Pau, 9de nat Pau, 3de nat.Dax, 31ste Lourdes, 8 nat Bordeaux, 36 nat Mont de Marsan.
Beroemde duiven van Jan zijn De Pau, 88-8826707 en de sterkweker 68-2089955 afkomstig van Jan de Weert met als moeder de beroemde ‘131’.